Mijn interesse in voeding begon al vroeg. Vanuit de topsport (tafeltennis) leerde ik hoe groot de invloed van voeding is op je lichaam. Op energie, herstel en op prestaties.
Tegelijk groeide ik op met verse producten van het land. Mijn opa en oma hadden een tuindersbedrijf en als kind mocht ik vaker mee het land op. Hup, de blauwe overall aan en petatte (aardappelen) rooien of prei poten. De basis van puur en onbewerkt eten was voor mij heel normaal.
Later, in mijn werk als regulier diëtist, merkt ik dat ik vaak aan de oppervlakte bleef. Ik werkte volgens protocollen en richtlijnen en hoewel dat zeker hielp, voelde ik ook steeds duidelijker dat er méér speelde.
Vooral bij klachten die niet zomaar verdwenen.
Dat was voor mij het moment waarop ik verder ging kijken.